Laatst was ik voor mijn werk op zoek in de archiefkast naar een of ander dossier toen mijn oog op een lichtgroene kunststof opbergbox viel. Omdat ik kantoor aan huis heb liggen er tussen de werkspullen ook nog wel eens privé spullen en deze opbergbox viel onder de laatste categorie want hier zaten namelijk duivenspulletjes in. Op zich was mij dit wel bekend maar toch kreeg ik de behoefte om de box even te openen om toch nog even bevestigd te krijgen dat ik het bij het juiste eind had. Zo gezegd, oftewel gedacht, zo gedaan. Na het openen zag ik een oude cd-rom, wie kent ze nog, van Compustam, wat oude foto’s van speciale duiven uit het verleden, een kopie van een reportage van een overwinning eind jaren negentig, toen nog onder de naam Kolkman-Korenberg en een klein boekje met harde kaft en het opschrift : “G.A. Kolkman; Duivensport”. De voorletters (Gerard Albert) van mijn vader, die zelf niets met duiven had en nog steeds niet(inmiddels 82 jaar). In de jaren zeventig toen ik met postduiven begon op mijn 10e mocht je, wanneer je nog minderjarig was (toen nog jonger dan 21 jaar) niet op eigen naam lid worden (ja, ja die goede ouwe tijd).

Toen ik wat door het boekje begon te bladeren en enkele bladzijden begon te lezen vond ik toch nog wel interessante dingen terug die ook heden ten dage nog steeds gelden. Ook tegenvallers werden beschreven maar ook goede prestaties met vermelding van het bijbehorende gewonnen geld (toen nog guldens) middels een hoofdprijs. Destijds, we spreken over begin jaren tachtig zelf was ik toen 17 jaar, werd er nog veel geld op duiven gezet (gepould) en was het eerder van belang dat je een zogenaamde ‘goeie’ (=gepoulde) duif had dan dat je steenvroeg zat met een ‘kale/geen goeie’ (= niet gepoulde) duif.  In het eerste geval mocht je dan best wat later zitten als je maar de hoofdprijs pakte.

Toch wil ik jullie, beste lezer, enkele passages uit het boekje niet onthouden en wellicht dat er nog een paar volgen. Mede omdat er nog steeds actuele zaken in staan anderzijds omdat er enkele leuke/humoristische stukken zijn vermeld. Ik zou zeggen lees en beoordeel zelf wat je ervan vindt maar vergeet je niet te verplaatsen, voor zover het kan, 40 jaar terug in de tijd. Toen klokten we nog met de hand, geen internet en mobiele telefoon, geen computer of iPad. Zo beschreven lijkt het wel een andere wereld in vergelijking met heden ten dage al is het ‘maar’ 40 jaar geleden.

—Uit het duivendagboekje—-

in lichtblauwe tekst rechtstreeks geciteerd en in wijnrode tekst de losse opmerkingen die op dit moment gelden

Zondag 6 december 1981: Vandaag bij het begin van dit (dag)boekje voor de duiven heb ik bij de Bison {naam duif} weer die nare, platte dunne groenachtige mest geconstateerd. Dit had hij vorig jaar ook al en toen vloog hij ook niet goed. Toen hebben we hem een spuit gegeven {wat dit geweest is is mij onbekend} en daarna vloog hij een 13e van Bergerac(in vereniging) van 106 duiven en in de afdeling 233 op 2246 duiven. Ik heb hem vanavond bij het voeren weer eens in de hand gehad. Hij was (te) goed op gewicht terwijl anderen toch maar net hun gewicht krijgen (b.v. Kweker). Trouwens het hok is ook goed vochtig. Het vocht trekt allemaal in het hout en dit zet naar binnen uit (relatieve luchtvochtigheid 67%). Het nieuwe hok is goed opgeschoten gisteren. Dik Scherp(NL69) doet het goed in de Opren met 2 andere niet uitgewende duivinnen en 1 duivin die ik van de week terug gekregen heb van 3 maanden terug (deze gaat waarschijnlijk naar J. Kroeze). Het is mijn bedoeling dit boekje te gebruiken als er opmerkingen te maken zijn over duiven, hok, verzorging enz. en ook als het een keer goed gaat {lekker positief!}    dit aan te tekenen.”

Op dat moment (1981) waren we bezig met een nieuw hok te bouwen (van 5 naar ca. 12m) bij mijn ouders omdat ik toen natuurlijk nog thuis woonde. Over de verhuizing naar dit nieuwe hok werd het volgende in het dagboekje genoteerd:

“Zondag 17 januari 1982: Ja, hoor daar was ie dan. Gisteren om 16.20 uur de duiven overgeplaatst. Ze waren eerst onwennig en vlogen tegen die grote ruiten op maar dat was gauw afgelopen. In hok 1 zitten nu de weduwnars in 2 de duivinnen (tot ze gekoppeld worden), hok 3 de nest/kweekduiven. Ze kunnen voorlopig nog niet los omdat ze nog uitgewend moeten worden en er zijn nog geen spoetniks (voor elk hok 1)……….Gisteren heb ik ze ook nog een Spartakon (tegen wormen) gegeven. Ze zaten te braken man en bij 1 duivin zijn er een boel spoelwormen vrijgekomen. Abonormaal. Ah fijn, die zijn we dan hopelijk ook weer kwijt. Wel letten op herbesmetting. Vandaag ben ik ook begonnen met Sulfa/vitaminekuur (2 dagen Sulfa/ 2 dagen vitamines / 4 dagen Sulfa). Daarom heb ik nu ook nog geen stro op de vloer gedaan dat doe ik na deze kuren anders krijg je de eventuele troep die nog vrijkomt in het stro –> dus opnieuw besmetting. Ja, we gaan weer een nieuw seizoen tegemoet, wat zal het brengen? Ik zal proberen ze in goede banen te leiden…..”

Zo zie je maar dat er destijds ook van alles speelde. Een Sulfa kuur heb ik al jaren niet meer gedaan bij de duiven. Ik weet ook niet of het nog te verkrijgen valt maar dit zuiverde de darmen, althans zo werd het verteld. Zoals je kunt lezen was m.n. een goed hok en gezonde (en goede) duiven toen ook al van belang en daar werd veel voor gedaan door veel liefhebbers destijds spraken we wellicht nog over 60.000 geregistreerde duivenmelkers (of moet ik zeggen coaches). Een volgende keer een vervolg op het dagboekje. 

Tot later,

Gertie Kolkman